Net rond ijzervreter Meindert Stelling sluit zich

30 maart 2016

Het hele artikel op Advocatie

"Anti-kernwapen  advocaat  Meindert  Stelling  is  vorige  week  maandag  door  de  Raad  van Discipline  in  Den  Haag  geschrapt  van  het  tableau.  Volgens  de  Raad  geeft  Stelling  bij voortduring blijk ‘van een voor een  advocaat  zeer  ongepast  gebrek  aan  eerbied  voor  de rechterlijke autoriteiten’. Na eerdere tuchtrechtelijke veroordelingen blijkt volgens de Raad dat  Stelling  zich  niks  aantrekt  aan  het  oordeel  van  de  tuchtrechter,  en  dat  hij  zich  niet  wil conformeren aan de voor advocaten geldende regels."

Het is vanzelfsprekend juist en logisch, dat men magistraten correct en fatsoenlijk bejegent,  hetgeen voor burgers en met name voor advocaten geldt, die zich in deze immers ook aan de geldende gedragsregels hebben te houden. Ik begrijp echter niet, dat men eerbied voor de rechterlijke macht moet hebben, zoals u stelt. Iemand verdient alleen een soort van eerbied dan wel waardering, wanneer hij of zij zich gedraagt als een waardig en waardevol mens, bijvoorbeeld in zijn of haar vakgebied. Niet iedere rechter gedraagt zich echter volgens de voor hem of haar geldende normen en/of levert deskundig en integer werk. Op deze website wordt één procedure (tussen V.N.I. Enschede B.V. en vader en zoon Hofs) in al zijn schokkende facetten voor het voetlicht gebracht, waarbij blijkt, dat meerdere rechters zeer slecht werk hebben geleverd en dit veelal ook nog om hen moverende redenen opzettelijk hebben gedaan, dienaangaande de uitdrukking eerbied vanzelfsprekend niet past. In de komende maanden en jaren zullen nog vele overtuigende voorbeelden op onze website volgen hoe magistraten zich zonder enige scrupule hebben (en helaas nog zullen) misdragen in hun uitspraken. Ik sta dan ook met de andere leden van VJIV en vele andere medestanders volledig echter de uitspraak van mr. Stelling, inhoudende dat bedrog in de vorm van een rechterlijke uitspraak een verraderlijke dolkstoot is in de rug van de rechtsstaat.

De Raad van Discipline schrijft in haar Beslissing o.a. ook, dat uit de open norm van artikel 46 Advocatenwet voldoende blijkt, dat deze onder meer een verbod op het doen van beledigende en grievende uitlatingen inhoudt. Dat mag juist zijn, maar bij mij komt dan meteen de vraag boven, waarom het een A.G. van de Hoge Raad wel is toegestaan om in een recentelijk door mij en mijn echtgenoot ontvangen ”Conclusie” vele malen op werkelijk ontoelaatbare wijze te reageren op een weliswaar pittig maar ten gronde fatsoenlijk cassatieberoep met vele middelen, die benodigd waren vanwege het erbarmelijke werk van het gerechtshof te Arnhem. De betreffende A.G. doet het in zijn werkstuk van nauwelijks een half A-viertje op blanco papier en zonder dat het duidelijk is wie de ondertekenaar van het stuk is zelfs voorkomen, alsof er in die dagvaarding krachttermen zijn gebruikt ! Ook deze procedure zal binnen afzienbare tijd ter beoordeling van iedere geïnteresseerde op onze website zijn te vinden.

De Raad spreekt ook over het vertrouwen in de advocatuur. Welnu, bij vele burgers bestaat er geen enkel vertrouwen in de advocatuur, zelfs niet in de eigen (dik betaalde) advocaat. In de komende maanden zal een lange reeks van voorbeelden inzake de door advocaten geponeerde ondeskundige uitlatingen, wetsverkrachtingen, aperte leugens en anderszins tenenkrommend werk en concrete pogingen tot oplichting op onze website worden verwoord. Het zal iedere lezer dan ook duidelijk worden, dat advocaten veelal geen enkele boodschap hebben aan wetsartikel 21 Rv. Ook het tuchtrecht biedt geen enkele soelaas dergelijke advocaten tot de orde te roepen, omdat het meestentijds blijk geeft van partijdigheid ten gunste van de aangeklaagde advocaten. Ook in deze hebben mijn echtgenoot, ikzelf en onze zoon slechte ervaringen opgedaan, de betreffende casussen zullen t.z.t. eveneens op de website gedetailleerd uit de doeken worden gedaan. Het Hof van Discipline is er zelfs in geslaagd om een deken vrij te pleiten, terwijl deze overtuigend de wet had overtreden. Dit in de trant van: de deken heeft wel op u geschoten, maar u daarbij niet geraakt, dus wat zeurt u nou! Het tuchtrecht heeft maar één belang en dat is de overtreder te beschermen en af en toe voor de Bühne en de statistieken/jaarverslagen een Barbertje te laten hangen.